Rechter: motorrijders die voorkruipen bij stoplicht soms strafbaar

Motorrijders die bij een verkeerslicht naar voren rijden om als eerste weg te kunnen rijden, zijn volgens de rechter in een bepaald aantal gevallen strafbaar, zo blijkt uit een rechterlijke uitspraak die door de KNMV wordt aangehaald. Punt is wel dat dit in de genoemde situatie ging om een motorrijder die links om het wachtende verkeer heen ging, en dus niet over de situatie waarbij tussen twee rechtdoor-rijstroken in gereden wordt.

De strafbare gedraging is volgens het Grechtshof in Leeuwarden dan ook een overtreding van artikel 62 in verbinding met artikel 78, eerste lid, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), hetgeen, kort gezegd, inhoudt dat bestuurders die de rijbaan volgen verplicht zijn op een kruispunt de richting te volgen die de voorsorteerstrook waarop zij zich bevinden aangeeft. Voor alle duidelijkheid: deze boete is dus voor de motorrijder die via een rijstrook voor een andere richting naar voren rijdt, waarna die rijstrook niet gevolgd wordt op het kruispunt zelf.

Niet verkeerde rijstrook gebruiken

Het strafbare feite is weliswaar summier omschreven in de geanonimiseerde uitspraak van de hogere rechtbank, maar sluit wel naadloos aan bij een eerdere uitspraak van de Rechtbank Noord Holland, die een motorrijder in een soortgelijk geval bij een verkeerslicht beboete voor “doorrijden bij een driekleurig verkeerslicht (stoplicht) dat op rood staat”, omdat hij over de ‘linksaf-rijstrook” naar voren was gereden, om vervolgens met de “rechtdoor” rijstrook mee te gaan toen die op groen ging en die voor linksaf rood bleef. In dit geval had die rechter dus voor beide strafbare feiten kunnen kiezen, maar hij ging voor het rode licht.

Gedragscode motorrijders

In de door de KNMV genoemde zaak oordeelt de rechter hetzelfde, maar voegt daar aan toe dat motorrijders in file weliswaar tussen de auto’s door mogen rijden, maar dat daarvoor wel beperkingen gelden. De gedragscode die inhalen tussen files door regelt, is feitelijk bedoeld voor de snelweg, maar ook daar is het niet toegestaan gebruik te maken van de “vluchtstrook rechts van de rijbaan, de redresseerstrook links van de rijbaan, doelgroepenstroken, verdrijvingsvlakken of puntstukken”. Bij linksom inhalen van wachtend verkeer is daar al snel sprake van, wat in de genoemde situatie dus ook zo was, al ging het hier om een rijstrook voor een andere richting in plaats van de op de snelweg aanwezige ‘verboden’ rijstroken. Het argument van de verdediging, dat de motorrijder zich hierdoor minder kwetsbaar maakte voor achteropkomend verkeer, werd door het Gerechtshof van tafel geveegd.

Niet alles is verboden

In het kort komt de uitspraak er dus op neer dat voordringen via een rijstrook voor andere richtingen niet toegestaan is, zoals duidelijk omschreven in artikel 62 in verbinding met artikel 78, eerste lid, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990). Oftewel: je moet een gekozen voorsoorteerstrook blijven volgen. Over tussen het verkeer door (bijvoorbeeld twee rijstroken rechtdoor) naar voren rijden, is in dit specifieke geval geen beslissing genomen.

(Het hierboven getoonde kruispunt is wel op de N256 Deltaweg in Goes, maar hoeft niet de betreffende locatie te zijn)

Share

Altijd op de hoogte blijven van al het motornieuws? Abonneer je op de gratis, 100% spamvrije nieuwsbrief


Inschrijven

Laatste Nieuws


© Copyright Motorcentraal - Colofon

Altijd op de hoogte blijven van al het motornieuws? Abonneer je op de gratis, 100% spamvrije nieuwsbrief


Inschrijven voor Nieuwsbrief